loader image
Mag ik mijn baby meer dan 1 liter kunstvoeding geven?

Mag ik mijn baby meer dan 1 liter kunstvoeding geven?

Ja, dat mag. Dit staat ook in de richtlijn voeding en eetgedrag van het Nederlands Centrum voor Jeugdgezondheidszorg. Ik citeer:

Er zijn geen minimale of maximale hoeveelheden vastgesteld: er is geen wetenschappelijk bewijs voor de van oudsher aanbevolen maximale hoeveelheid van een liter. De groei van het kind is een belangrijkere maat om te zien of het kind genoeg eet dan de exacte hoeveelheid”

Nu ben je misschien verbaasd. Want jij hebt van iemand het advies gekregen dat je je baby niet meer dan een liter per 24 uur mag geven, want anders was je niet met deze vraag op mijn website gekomen. Waar komt dat advies dan vandaan? vraag je je af.

Dit advies heb ik ook nog gegeven, toen ik circa twintig jaar geleden werkte als consultatiebureau verpleegkundige. Netjes zoals het mij ook was geleerd. Ik legde ouders uit dat met meer dan een liter per 24 uur de niertjes te veel voeding moesten omzetten in urine. We dachten op dat moment dat die kleine niertjes dat helemaal niet aankonden. Maar lang leve de wetenschap! Ons vertrouwen in kleine niertjes is hersteld en dus geven we al zeker vier jaar dit advies niet meer.

Degene die jou dit advies gaf, maakt zich mogelijk wel wat zorgen over de groei van je kindje. Misschien groeit jullie baby wel heel hard, zeg maar ‘de curve uit’. Mogelijk is die groei wel te verklaren, bijvoorbeeld omdat jullie beide langer dan 180 cm zijn. Maar als die verklaring er niet is, weten we inmiddels -ook met dank aan de wetenschap- dat te veel gewichtstoename in de eerste twee levensjaren kan leiden tot overgewicht op latere leeftijd. In een wereld waar het aantal mensen met overgewicht stijgt, snap je zijn of haar zorgen.

Maar niemand wil een ontevreden hongerige baby en ook niemand wil zijn kind overvoeden. Zijn er kansen en/of mogelijkheden voor “meer-dan-een-liter-drinkers”?

Dat is zeker het onderzoeken waard. Allereerst de basis controleren. Lees mijn e-book Flessen, flesspenen en houding en weet 100% zeker dat je in de manier van voeden niets kan verbeteren. Daarnaast leg ik in dat boek ook uit hoe je kunt berekenen wat -voor zijn/haar 24 uurs inname- gemiddeld is.

Tot slot geef ik vaak nog de tip -om verder ophogen te voorkomen- na het voeden de baby op een speen te laten sabbelen. Veel “groot verbruikers” hebben namelijk ook een enorme zuigbehoefte. Kijk of je deze zuigbehoefte wat kunt uitbreiden, om de uitbreiding op het aantal milliliters te voorkomen. Dit kan door een goed passende zuigspeen aan het einde van de voeding aan te bieden, wanneer hij of zij anders onrustig wordt. Doe daar nog een beetje huid-huidcontact bij en er ontstaat een perfecte mix om op in te slapen. En met goed passend bedoel ik dat als de baby de speen voortdurend verliest, je dan onderzoekt welke van de drie verschillende vormen je hebt aangeboden en welke je nog kan proberen.

Succes!

Referentie:

NCJ Richtlijn Voeding en eetgedrag, Hierin kun je naar het kopje kunstvoeding scrollen. En tot slot naar de alinea die behoefte heet. Daar vind je bovenstaand citaat.

Met uitsterven bedreigd: rompertje

Met uitsterven bedreigd: rompertje

Ze wordt met uitsterven bedreigd. Ik weet het zeker. Voor elk aaibaar dier dat met uitsterven wordt bedreigd is er wel iemand die zich hard maakt. En dit voelt als ‘mijn missie’. Ik moet en zal voorkomen dat de ‘diversiteit in het aanbod’ verdwijnt. Moeilijke zin, ik weet het, maar we hebben het hier over een met uitsterven bedreigd rompertje.

Ja, je leest het goed. Rompertje. Inderdaad. Ik heb geen keiharde cijfers, maar de winkelschappen -zou je die nog kunnen inzien dezer dagen- liegen er niet om, om dan nog maar te zwijgen over het online aanbod. Het gaat me niet om de kleur van de rompertjes, niet om de stofjes, niet om waar of door wie ze geproduceerd zijn, maar om de manier waarop ze in elkaar zitten.

Mijn favoriete rompertje heeft namelijk over elkaar geslagen stof op de schoudertjes en moet over het hoofd worden aangetrokken. Zoals ik al schreef, zij wordt met uitsterven bedreigd, want haar concurrent -voorzien van lintjes op de zijde- neemt de markt over.

Ik snap heel goed dat een rompertje met lintjes of drukkertjes op de zij heel verleidelijk is om te gebruiken. Dat hoeft namelijk niet over het hoofdje te worden aangetrokken. Zo’n piepklein babyhoofdje met fontanellen door een rompertje murwen, vraagt wat rust en geduld. Iets waar je je baby overigens heel veel plezier mee doet. Want, hoe langzamer je hem of haar aankleedt, hoe relaxter de aankleedsessie verloopt voor jullie beide. Als dit is wat je tegenhoudt in het gebruik van mijn favoriete rompertje, maak dan een mooi rond “opgewikkeld” rolletje van het hoofdgat, leg daarin het babyhoofdje, neem een pauze, en breng het kinnetje van je baby op zijn of haar borst. Je trekt zo heel rustig het rompertje over het hoofd.

Waarom met kin op de borst vraag je je nu misschien af? Dat is omdat baby’s in de buik ook met de kin op/richting de borst liggen. Deze positie zorgt voor meer ontspanning, het is een houding die bekend is. Als je het hoofd naar achteren trekt, tijdens het -van voren over het gezicht- aanbrengen van een rompertje of truitje, ervaart de baby vaak meer stress, omdat het in een overstrekkende positie van het lijf wordt getrokken.

Dus samenvattend twee argumenten vóór mijn lievelingsrompertje: rustig aankleden en het rompertje over het hoofd met kin op de borst aandoen geeft je een gelukkige baby in de romper. Nog een vermeend nadeel van mijn favoriete rompertje: “als je baby heeft gepoept en lekkage heeft naar de rug, moet dat over het hoofd.” Nee, dat is niet zo. Die over elkaar geslagen stofrandje zijn dus gemaakt, om het hoofdgat zo breed te kunnen maken, dat als het moet het rompertje over de schouders en heupen past. Lekker naar binnen slaan over de bevuilde plek en je beperkt de gele vlekken tot een minimum.

Als je dit allemaal leest, kun je je voorstellen dat het aan- en uitkleden van een baby gepaard gaat met veel meer verschillende houdingen en bewegingen dan in een lintjesrompertje. Dat is neerleggen en zoekend langs de babybuik, babyoksels en de zij naar het juiste lintje aan de goede kant te krijgen. Mijn favoriete rompertje -lieve papa’s en mama’s- draagt bij aan veel meer aankijken en veel meer bewegingen. Wist je dat bij meer dan 20% van de Amsterdamse kinderen boven de 6 jaar we een matige tot ernstige motorische ontwikkelingsachterstand vinden? *

Hoe meer verschillende bewegingen en houdingen er met een baby worden gemaakt en/of gegeven, hoe beter zijn evenwichtsorgaan en proprioceptie (positiegevoel van je lijf en ledematen) zich ontwikkelt. En dat heeft weer een gunstig effect op zijn of haar motorische ontwikkeling. Kortom het “lekker in je vel zitten” als baby, begint misschien wel met de juiste rompertjes in de kast. Zonder lintjes.

Tot slot; deel je dit bericht op je social media om mijn strijd te steunen?

* Onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam in 2019

Luieruitslag van onschuldig tot dokter

Luieruitslag van onschuldig tot dokter

“ieuw… lekker plaatje, Mam”. Er schuifelt een (inmiddels!) twaalfjarige mannetje voorbij mijn werkkamer. “Vakliteratuur, lieverd en dat van mij is ten minste nog herkenbaar in vergelijking met dat van je vader”.
Ik heb een “kinderverpleegkunde” open liggen met een grote foto van kleine babybillen vuurrood van de luieruitslag.
Kinderverpleegkundigen van het Medischspectrum Twente hebben een protocol gemaakt over hoe je “luierdermatitis” moet behandelen en voorkomen in een ziekenhuissetting. Het blijft immers een van de meest voorkomende huidaandoeningen bij pasgeborenen.

Eerder de dag kreeg ik van een klant een mailtje terug. Ik had haar gevraagd of er wat was veranderd of gebeurd, dat de terugval had kunnen verklaren in het plan dat we hadden gemaakt.
Haar zoontje had last van luieruitslag gekregen, na het starten van een antibiotica kuur. Een ongelukkige combinatie voor een baby die al veel huilt.
Voor haar “vertaalde” ik het artikel naar de thuissetting, in de hoop dat haar mannetje snel van de ongemak af is en het huilen snel weer onder controle is.

Hier een korte samenvatting van de verzorging van de babybillen bij de drie verschillende stadia van luieruitslag zoals ik die aan haar mailde

1: rode billen
Was je handen voor je je baby gaat verschonen en smeer de rode plekken in met een verzorgende zalf op zinkbasis. Gebruik een grotere maat luier, zodat er zo min mogelijk huid-luiercontact kan optreden. Verschoon de baby elke 3 uur. Wrijf zo min mogelijk schoon, dep liever. Luierdoekjes zijn gewoon toegestaan.
2: extreem rode billen met ontvelling
Probeer de baby zoveel mogelijk met de billen bloot te leggen zonder luier en zonder zalf. Bij het omdoen van de (een maat te grote) luier, de beschermende zalf op zinkbasis wel op de billen smeren.
3: luieruitslag met candidainfectie
Er ontstaan dan zogenaamde “eilandjes voor de kust” De rode vlek op de billen moet aaneengesloten zijn, gaan er spikkels omheen onstaan, bezoek dan de huisarts. De kans bestaat dat er sprake is van een schimmelinfectie op de wond en dat er zalf met medicijnen (miconazolnitraat) nodig is om de luieruitslag te overwinnen. De huisarts zal bij borstvoeding dan ook de mond van de baby en de borsten van de moeder controleren op spruw en zal je tips geven over verder verzorging en behandeling van de uitslag.

Auwh is moe in de dunstan babytaal

Auwh is moe in de dunstan babytaal

Ik ben bij een moeder van een tweeling. Ze belde en vertelde dat soms echt niet meer weet welke baby, wat wil, op welk moment. Ze vroeg zich af of de dunstan baby taal hun zou kunnen helpen. Ik vraag de leeftijd uit. Dunstan baby taal zijn namelijk vijf geluiden die je kunt horen in het huilen van een baby. De baby maakt deze geluiden onwillekeurig op basis van een reflex. Reflexen doven uit na de derde maand. Haar baby’s zijn zes weken. Dan kom ik graag langs zeg ik en we spreken af aan het einde van de middag. Dan zijn ze wat onrustiger en huilen ze meer, kan ik gelijk met ze mee luisteren, zegt ze. Bij haar thuis, beland een van de jongens bij mij op schoot na de powerpoint presentatie. Hij is moe en laat prachtig een auw horen. Auw hoort bij vermoeid zijn en wordt veroorzaakt door het gaapreflex. Vaak zie je bij vermoeide baby dan ook huilen met hun ogen dicht. Ook aan hun mondje kun je zien dat ze klaar voor bed zijn, het mondje is namelijk open en vaak ovaal vormig tijdens het huilen. Ze maakt met haar telefoon snel een filmpje van mij en haar zoon. Aan mij de eer om hem met jullie te delen.

baby’s eerste kreetjes

baby’s eerste kreetjes

Ze zijn zo mooi….. Echt van elke baby weer. De eerste uh´s, ah´s en oh´s. Vocaliseren noemen we dat. De meeste baby´s doen het rond drie maanden, sommige wat eerder (7 weken), sommige wat later (26 weken).

Het is een van de eerste stappen van communiceren. Dit proces komt op gang door het rijpen van het spraak-taalcentrum in de hersenen. Door onderzoek te doen bij blinde en dove/slechthorende baby’s, weten we dat dit proces door het ZIEN van een gezicht op gang komt. De dove kinderen, zien het gezicht wel en starten met vocaliseren op dezelfde leeftijd als hun gezonde leeftijdsgenootjes. De blinde kinderen daarentegen, vocaliseren ook, alleen dit proces start iets later ten opzichte van de gezonde leeftijdsgenootjes.

Dit meisje is al iets verder in haar vocaliseren. Het zijn vooral veel ah’s en ook met enige volume. Soms zet ze halverwege een uitademing/geluid nog extra kracht bij. Haar moeder nam het filmpje op, maar sprak niet. Ze dacht dat haar dochter meezong op de muziek. Toch zie je dat het meisje de moeder uitlokt tot spreken door oogcontact te maken en het bovenlijf te bewegen. Zonder de camera zou de moeder dat vast en zeker hebben gedaan.

Zo ontstaat er een beurtwisseling. Een van de twee lokt de ander uit, waarop die ander weer een geluidje terug maakt. En zo heeft het vocaliseren dus ook nog een psychologisch effect; je leer namelijk een van de basisprincipes van communiceren: spreken, luisteren naar de ander, erover spreken en weer luisteren naar wat de ander op jou te zeggen heeft.

Hoe voelt inbakeren voor een baby

Hoe voelt inbakeren voor een baby

“hihihi” ik heb mijn telefoon in de hand en sta te grinniken in de keuken. Mijn man vraagt wat ik lees. “Een berichtje van een moeder” antwoord ik zonder op te kijken. “Haar dochter heeft voor het eerst zonder zuchten, steunen en kreunen de nacht doorgeslapen dankzij mijn ‘dwangbuisje'”.

“Door een Puckababy?” vraagt hij belangstellend. “Nee, bijna goed, door een Pacco” zeg ik lachend. Ik heb nu al vijf jaar mijn eigen praktijk, inmiddels kan hij aardig meepraten over mijn ruime hoeveelheid uitleendoeken. Vrijwel alle uitleendoeken heb gekregen. Ik denk dat de helft van de fabrikant komt, om ouders goed geïnstrueerd mee te laten kennismaken. De andere helft komt van ouders, die ze zo beschikbaar hebben gesteld voor anderen die met hetzelfde probleem zitten.

‘Dwangbuisje’ heeft dus een naam, maar de moeder in kwestie was deze vergeten. Ik kan mij trouwens ook heel goed voorstellen dat je niet voor een app-je even terugloopt naar de slaapkamer om op het labeltjes te kijken hoe hij ook alweer precies heette.

Dwangbuisje klinkt overigens wel heel zielig en dat is inbakeren niet. Om dat goed te begrijpen moet je je verplaatsen in een pasgeboren baby. De meeste baby’s hebben namelijk tijdens de zwangerschap de laatste maanden, weken steeds meer ruimtegebrek ervaren in de baarmoeder. Door dat ruimtegebrek neemt de druk op de huid toe. En dat is een heel mooi fenomeen, want zo leert die huid (in samenwerking met de hersenen) steeds meer prikkels te voelen en te verdragen. Wel zo handig als je straks geboren moet worden door een veel te nauw kanaal en opgepakt wordt door allemaal verschillende handen.

Wat je met inbakeren dus doet is het kindje terugbrengen naar die fijne tijd met die druk op de huid zoals in de buik. Ik denk dat de meeste ontspannen baby’s zonder die druk (en dus zonder te worden ingebakerd) prima slapen. Maar er zijn er ook een paar bij die in de weken na geboorte onrustig zijn en voor wie deze druk net even dat beetje ontspanning geeft om goed door of in te slapen.

Zo ook bij dit meisje, na vierenhalve week pruttelen, steunen en kreunen in haar slaap, lukt het om met de pacco rustig de slaap te pakken. Daarnaast was het ook geen probleem meer om haar na het voeden in haar eigen bedje te laten slapen. En voor wie denkt dat mijn werk er dan op zit, die heeft het mis. Want ik kan ouders wel leren hun dochter in te bakeren, maar ik denk dat inbakeren een fase behoort te zijn. Ik app dus snel wat data naar deze ouders om weer even langs te gaan en het dan te hebben over ‘uitbakeren’ en dan neem ik gelijk de pacco weer mee, voor het volgende gezin.