loader image
Spruw of minitandje?

Spruw of minitandje?

Dus de consultatiebureau arts dacht aan spruw?
Er valt een stilte en ik weet dat mijn gezicht nu boekdelen spreekt, waar ze mij -aan het begin van mijn zorgcarrière- al voor hebben gewaarschuwd, dat dat niet handig is. Ik heb mijn twijfels over deze diagnose, maar eigenlijk is het de ongeschreven regel om een collega niet af te vallen.
Wat denk jezelf? vraag ik voorzichtig. Moeder antwoordt dat ze het voor een spruwsoort wel heel raar vindt dat het maar niet groter wordt, niet kleiner wordt en altijd op dezelfde plek blijft zitten, zelfs met nystatinegebruik.

Spruw is een candidainfectie waarvoor bij borstvoeding vaak een medicijn wordt voorgeschreven omdat moeder en kind elkaar kunnen herbesmetten. Bij een flesgevoed, gezond kind zonder klachten, wacht men liever even af.
Ik vind het ook raar, zeg ik voorzichtig. Vooral omdat spruw graag op zachte delen zit zoals op de de tong en in de wangen.
Ik denk eigenlijk aan wat anders.
Moeder vraagt aan wat ik denk. Ze heeft zelf een medische achtergrond en ik beloof haar gelijk een foto uit de vakliteratuur* te sturen en dat zij zelf mag beoordelen.

Ik denk aan een glazuurparel. Dat is een klein wit-geel rond kraaltje, vaak maar een speldeknop groot dat op een kaakje kan zitten bij een jonge baby. Pareltje van haar dochter is nog kleiner dan en speldeknop.
Ze veroorzaken geen pijn en er is geen behandeling nodig. Ze ontstaan vaak uit de cellen die ook de melktandjes hebben gevormd. Meestal liggen de glazuurparels dieper en zie je ze niet, heel soms komen ze door de groei aan de oppervlak te liggen. In hele bijzondere gevallen vormen zich hieruit iets dat lijkt op een tand of kies. Ze laten in een paar weken na geboorte los, de baby kiest ervoor om ze “uittespugen” of door te slikken, dit laatste kan geen kwaad komt er wel weer uit.
Ik benadruk bij deze moeder nog een keer hoe bijzonder het is en dat ze de desbetreffende consultatiebureauarts best met mij in contact mag brengen voor een intercollegaiaal overleg, dat zou ze doen.

*Ik breek door, gids voor het kindergebit van Veerkamp en anderen.

Meer doen met je voedingskussen

Meer doen met je voedingskussen

Een beetje rare vraag; maar mag ik een foto nemen van jullie box en jullie voedingskussen? Mijn moeder heeft mij geleerd een brutaal mens heeft de halve wereld, dus dit is mijn kans. Het mag, maar ik zie wel nieuwsgierige blikken bij deze ouders. Ik leg ze uit, dat ik soms ook mensen door de telefoon help. Maar als je dan zo een praktisch beroep hebt, zijn er wel eens van die momenten dat je denkt, dit hadden ze moeten zien in plaats van dat ik het uitleg.

Ik vertel deze ouders dat ik van de week een moeder door de telefoon probeerde uit te leggen dat een voedingskussen voor veel meer dingen kan worden gebruikt.
De ouders van de box beginnen te lachen. De vader vertelt lachend dat hij deze kussen als een ware concurrent in bed had ervaren tijdens de zwangerschap, terwijl zijn vrouw al snel toelicht dat het kussen er in ieder geval voor zorgde dat ze nog een beetje slapen kon in die laatste weken van de zwangerschap.
“Dat hoor ik vaker”, stel ik haar gerust, “puntje van de kussen tussen je benen, ter hoogte van die knie zeker?”, ze knikt.

Dus voor al mijn luisterende klanten;
Je kan hem ook gebruiken om baby’s te leren spelen in de box. Een hele jonge baby heeft een lichaampje dat wordt geregeerd door reflexen. Voor veel van deze kleine baby’s is het platliggen op een harde ondergrond, helemaal niet fijn. Ze gaan zwiepen met hun armen en trappelen met de benen, zonder dat ze daar iets over te zeggen hebben. De ene baby heeft dit meer dan de andere. Als je toch af en toe je baby even wilt wegleggen, kan een voedingskussen je van dienst zijn.

Als je de baby dan ook nog een veilig plekje wilt geven, gebruik dan een voedingskussenhoes. Span deze erover heen, zodat je baby niet in een onbewaakt ogenblik zich diep in het kussen bevind. Leg de baby nu in het midden, hoofdje op het hoogste gedeelte van de kussen, bekken in het midden, voetjes naar beneden. En zo kun je dagelijks een momentje gaan inlassen om je baby veilig en fijn even in de box te leggen.

Baby kijkt en speelt met handjes

Baby kijkt en speelt met handjes

Dit is Benjamin. Benjamin is vijftien weken en vijf dagen oud. Hij heeft zijn handjes ontdekt. Prachtig om te zien, niet alleen voor de trotse ouders, maar ook voor mij als babyconsulent. In scholingen kan het niet vaak genoeg zeggen; “de ontwikkeling gaat van boven naar beneden van binnen naar buiten”. Zo ook bij de handjes, benjamins handjes in dit geval. Op het consultatiebureau checkt men deze drie stadia; de handjes gaan af en toe open, de baby kijkt naar zijn eigen handjes en vervolgens speelt met zijn handen middenvoor. Met middenvoor wordt borsthoogte bedoeld.
Dat is wat Benjamin nu doet. Hij bekijkt en speelt met zijn handjes middenvoor. De eerste bewust geopende handjes zien we vaak vanaf de 11de, 12de week na geboorte. Daarvoor zijn de handen nog vaak op basis van reflexen plotseling gesloten of juist open. De meeste baby’s doorlopen de stadia die ik eerder beschreef (geopende handjes, kijken naar de handjes en vervolgens ermee spelen) chronologisch. En in mijn ogen is dat logisch. Je moet je namelijk eerst realiseren dat die hand bij jou hoort en niet toevalligerwijs vaak in je gezichtsveld komt. Als je dat realiseert, kun je ze ook naar elkaar toe brengen en voelen hoe dat voelt. De druk van je vinger van de ene hand geeft een sensatie op de andere hand, reuze interessant. Althans als je 3-4 maanden oud bent. Dat is een inwendige ontwikkeling, een proces dat zich afspeelt IN of beter gezegd met behulp van het lijfje. Zoals ik al zei gaat de ontwikkeling van binnen naar buiten. Als dit proces goed verloopt zal je baby -als hij een half jaar oud is- in rugligging gaan grijpen naar speelgoed buiten zijn lijfje. Hij krijgt interesse voor zijn omgeving. Zijn nabije omgeving. Dan is het ECHT tijd voor speelgoed in de box en met blokken op de grond.
En dan? Ik zei je toch ook “de ontwikkeling gaat van boven naar beneden”. Precies daarna zijn pas de benen aan de beurt. Alles op zijn tijd….

https://www.facebook.com/watch/?v=1050437864980666

Dunstan babytaal auw is moe

https://www.facebook.com/watch/?v=1151886528169132

Dunstan babytaal Eairh vanwege krampen

Tummytubben of douchen met baby

Tummytubben of douchen met baby

Ja Ja, heftig windje vandaag. Toch pak ik de fiets, want de auto parkeren in de stad, maakt een reis soms onbedoeld veel langer.

Ik had voor vandaag best wel een heel bijzonder consult op het programma staan. De hulpvraag was of ik ouders kon leren tummytubben en misschien nog tips had voor het gezamenlijk douchen.

Een tikkeltje verbaasd heb ik mijn brandende vraag snel terug gemaild. Hebben jullie dan geen kraamzorg gehad?
Nee, deze ouders hebben een veel te vroeg geboren dochter. Ze heeft nog een paar weken in het ziekenhuis doorgebracht en is nu tien dagen thuis. Naar omstandigheden gaat het goed. Alleen het badje is geen favoriet. Ze huilt dan zoveel. Dat was ook met de kraamverzorgster tijdens die paar uurtjes uitgestelde kraamzorg.

Ouders voelen zich onzeker en willen graag andere baddermanieren leren.
We maken een plan. We doen haar eerst in de tummytub, waarbij vader haar vast heeft en dan gaat ze daarna nog even bij mama onder de douche. Met of zonder bikini, maakt mij niets uit. Ik ben verpleegkundige, ik heb al heel veel bloot gezien in mijn carrière.

Thuis geef ze voorlichting over het vullen van de emmer. Tien centimeter water, bij elke baby van elk formaat is voldoende. Het laten glijden in de emmer en eruit halen oefenen we eerst op het droge met een pop.
Daarna met het meisje. Heel kalm trekt ze haar beentjes netjes op en neemt de foetushouding aan. Er worden foto’s gemaakt, er wordt gelachen, maar er wordt vooral heel trots gekeken.

Moeder stapt onder de douche, vader plukt zijn dochter uit het water alsof hij dagelijks “emmert”. Hij geeft haar prachtig ondersteunend over aan de moeder. Over de borst draagt zij een hydrofiel luier, het zorgt ervoor dat de baby minder snel wegglijdt. Dit geeft haar net dat beetje extra zelfvertrouwen.